Vietnam (Phong Nha – Hué – Da Nang)

Nadat ik Maika ‘s-avonds laat heb uitgezwaaid blijf ik nog heel eventjes in Hanoi hangen om mensen gedag te zeggen. Thuy, die ondertussen een goeie vriendin geworden is, wil ik nog eventjes zien en een meid die ik op Phu Quoc heb leren kennen (Mia) is ook in de stad, dus we hebben afgesproken om elkaar te ontmoeten. We gaan samen uit eten en pakken een barretje mee. Omdat Mia de volgende ochtend vroeg de bus heeft richting Cat Ba,zeggen we elkaar rond middernacht gedag met dikke knuffels en kussen.

Ik reis de volgende avond pas Hanoi uit. OM NOOIT MEER TERUG TE KOMEN hahaha. Hanoi ken ik onderhand als mijn broekzak en ben toe aan een andere omgeving…. Ik heb een sleeperbus van Hanoi naar Phong Nha die om 19.00 uur vertrekt en daarmee zou ik rond 04.00 uur (!!!!) aan moeten komen in Phong Nha. Uiteindelijk komen we gelukkig pas rond 07.00 uur aan, omdat de buschauffeur de bus midden in de nacht een uurtje of 3 stil zet.

Ik stap uit en leer direct Tomer kennen. Een jongen uit Israel die ook alleen aan het reizen is en vraagt me mee naar de Paradise Cave, Botanical garden en wellicht nog de Phong Nha Cave. Tuurlijk, eerst even eten.

Ik verblijf in Easy Tiger Hostel. Deze heeft zelfs een vernoeming op Happy Cow, voor de goede vegan opties die ze hebben. En inderdaad; de scrambled tofu is heerlijk. Na het ontbijt ontmoeten we nog Gino uit Nederland die ook met ons meegaat. We huren een scooter en zetten weer koers richting de Paradise Cave. Dit zou de mooiste grot van de omgeving moeten zijn en we zijn echt onder de indruk.

 

Na deze grot gaan we richting de botanische tuin, wat nog een waar avontuur bleek; dit zijn geen saaie trappen die we moeten beklimmen, maar het blijkt een flinke hike, waarbij we voor een groot gedeelte ook tegen de waterval moeten aan klauteren. Tomer stoot zijn hoofd tegen een rotsblok, dat harder bleek dan zijn hersenpan en het bloed gutste uit de snee, over zijn gezicht. Het lijkt erger dan dat het uiteindelijk was en het uitzicht was in 1 woord geweldig.

We rijden na de klim nog even een beetje rond om foto’s te maken, want het gebied leent zich er goed voor. Prachtige akkers die worden bewerkt door de locals, met de waterbuffels. Alsof we in een schilderij gevangen zaten. We eten in het hostel (want: SUPER VEEL EN LEKKER VEGAN ETEN) en spreken af om de volgende dag naar de Phong Nha Cave te gaan en eventueel nog naar de Dark Cave, als we het redden.

 

Gino voelt zich niet al te best en slaat over als we hem vragen of hij zin heeft om mee te gaan naar de Phong Nha Cave. Het startpunt is op 5 minuten loopafstand dus we rond 10.00 uur gaan we erheen. Omdat de boot fee maar liefst 400.000 dong bedraagt (bijna 15 euro – niet te doen zoveel, in Vietnam), wachten we op andere toeristen die de tour ook willen doen. Die vinden we; Vietnamese toeristen. Voor hen ben ik al een attractie en moet dan ook op de foto met ze. Direct de beste vrienden. De boottocht is geweldig en ik vind de grot mooier dan die van de dag ervoor. Mede, omdat je hier niet over een gebaand pad wordt gestuurd, maar je kunt gewoon vrij rondwandelen tussen de stalagmieten (of stalactieten?), nadat de boot ons in de grot heeft afgezet.

SYLVIA DE SPELEOLOOG

We wandelen even terug naar het hostel voor een verdiende lunch (vegan pita NOM!) en komen Gino tegen, die zich ondertussen iets beter voelt en ook wel mee wil naar de Dark Cave. Over avontuur gesproken; Je gaat aan een zipline richting de grot, moet daar een stukje zwemmen (BRR) en dan loop je door de grot richting modderpoelen, waar we met zijn allen een modderbad nemen. Ik geniet er meer van dan ik had verwacht, want ik ben nou eenmaal niet zo’n meisje dat haar nageltjes laat doen, regelmatig naar de sauna gaat en maskertjes doet. MAAR, eerlijk is eerlijk, ik kwam tot rust. We glijden terug naar de ingang waar kajaks op ons liggen te wachten, waarmee we terug gaan naar het startpunt. Helaas heb ik van niets foto’s kunnen nemen, want je kunt je voorstellen dat ik alleen een bikini aan had :).

Terug in het hostel ontmoet ik een hoop leuke, nieuwe mensen waaronder Trista uit Canada, Camille uit NL en Mo & Daniel uit Londen, waarmee ik direct een leuke klik heb. Trista is aan het reizen richting het Noorden, Cami blijft nog even in Phong Nha en Mo & Dan doen ook de route naar het zuiden, dus ik spreek ermee af om overmorgen met hen af te reizen naar Hué. Hoewel het bij hen niet in de planning zat, heb ik ze vrij snel weten te overtuigen mee te gaan, door alleen de woorden “abandoned waterpark” te uiten. Dat,.. en natuurlijk mijn overtuigende, grenzeloze charme, hahaha.

Tomer vertrekt na twee nachten, de volgende ochtend al richting Hoi An, maar omdat je de derde nacht gratis krijgt, blijf ik er nog 1. Ik bedoel, je bent Nederlander of niet. En omdat ik nu wel zo’n beetje alle grotten en andere bezienswaardigheden heb gezien, huur ik een scooter en rijd gewoon wat rond. Heerlijk die vrijheid en heerlijk om eventjes helemaal alleen te zijn. ‘S-avonds weer vroeg het nest in, want de bus naar Hué vertrekt om 07.00 uur. Mo heeft in Hanoi een scooter gekocht en zal ons volgen naar het hostel. Althans, dat probeert hij.


Hué

Na een reis van ongeveer 4 uur met een pijnlijke rug, komen we aan bij ons hostel in Hué. Terwijl we een beetje in ons bed chillen, komt ook Mo aangekacheld op zijn brommertje. Zodra we onze spulletjes een beetje opgeborgen hebben, huur ik een scooter bij het hostel en gaan we rechtstreeks naar Thuy Tien Lake, waar het verlaten waterpark zich bevindt. Mo navigeert en ongeacht het feit dat hij me minimaal 2 keer probeert te vermoorden, houd ik me toch staande in het chaotische verkeer van Hué en overleef zowaar de rit.

Het waterpark dat gewoon te bezoeken is, is in 2004 geopend, terwijl de bouw ervan nog niet helemaal afgerond was. Tot die tijd is er 3 miljoen dollar geïnvesteerd om de bouw ervan te garanderen. Maar, na een paar jaar hebben ze hun spullen gepakt en zijn gewoon vertrokken, twee krokodillen achterlatend. Helaas hebben ze die al in 2016 verplaatst. Tot die tijd werden ze gevoederd door de locals en reizigers. Het is een beetje een spookachtig gebied, zeker op een sombere dag. Alles is kort en klein geslagen, graffiti overal en moeder natuur doet haar best om alles te heroveren.

 

Omdat er vlakbij een tombe is van de een na laatste keizer van Vietnam, gaan we hier ook nog even een kijkje nemen. Hoe rustig het was in het waterpark, zo druk was het hier. Tientallen vlaggetjes in de lucht en hordes kakelende toeristen. Duitsers, Amerikanen en uiteraard Chinezen. Even een rondje gedaan en terug richting hostel, wederom met gevaar voor eigen leven en minstens 1 bijna dood ervaring. Thanks, Mo. Hahaha, nee niet gevreesd angstig volk in Nederland, het viel allemaal wel mee. Op de heenweg had ik er 2 hahahaha.

Mo & Dan gaan de volgende dag al door naar Hoi An, maar ik blijf nog een nacht. Ik wil een tatoeage en laten we nou net een tatoeëerder als buurman hebben…. Ik ga de volgende ochtend langs en laat hem een plaatje zien van een dame met hoed. Ik wil dat die hoed graag een Vietnamese hoed wordt. Geen probleem, be back at 6.

Ik ga richting citadel (zeg maar verboden stad van Vietnam) en wandel wat uurtjes rond. Niet om lullig te klinken, maar die in Beijing is wel eventjes next level shit. Dit is een slap aftreksel. Zeg maar niet tegen de Vietnamezen.

Om 18.00 uur ben ik terug bij de buurman en mag ik even op de pijnbank. Ik ben onwijs blij met het resultaat en deze dame zal me dan ook voor de rest van mijn reis (en leven) vergezellen.

Dit is overigens de derde vrouw op mijn been hahaha. Hoog tijd om er ergens een man tussen te stoppen.


Hoi An

Ik reis met de bus naar Hoi An om me weer bij de Dan & Mo te voegen in een rustig hostel vlakbij het strand. Het gaat hier voornamelijk om uit te rusten (van dat complete stressvolle leven van me), dus hier doe ik helemaal niks. Ja, yoga in de ochtend, op het strand. Je ziet het niet voor je, dat weet ik, maar ik vind het stiekem best leuk.

Hoi An is een leuke stad, ook met voldoende geschiedenis en een oud centrum, wat zeker de moeite waard is om te bezoeken. De regio staat vooral bekend om de op maat gemaakte kleding die je hier kunt halen. Je verschijnt met een foto van een jurk (of wat dan ook), ze nemen je maten op en je kunt de volgende dag terugkomen om door te passen. Mocht je een trouwjurk zoeken; ga vooral hierheen. In eerste instantie wilde ik ook wat spulletjes laten maken, maar zoals ik dat ook altijd in de AH heb met een hongerige buik; bij het zien van alle overdaad, verlies ik mijn eetlust. Dus uiteindelijk niets laten maken. Wel gedaan; overheerlijk vegan gegeten, uiteraard.

We blijven twee nachten in het rustige hostel, maar verplaatsen de laatste nacht naar de drukker hostel in het centrum. Even wat leven in de brouwerij. Mo boekt een privé kamer voor ons drieën (waar ik hem eeuwig dankbaar voor ben) en zodra ik het bed raak, wil ik er eigenlijk niet meer uit. We hadden een soort van, semi, afgesproken om mee te gaan op een Pub crawl, maar zowel Dan als ik zien het niet zitten en omdat we onwijs lekkere (lees; zachter dan hout) matrassen hebben, trekken wij ons terug.

Omdat ik niet zo goed wist wat ik na Hoi An zou doen en Dan & Mo naar Da Nang gaan, nodig ik mezelf weer uit om met hen mee te gaan. Onder luid protest wordt dit geaccepteerd. Hahaha nee hoor. Fuckfaces.


Da Nang

Cami heeft zich ondertussen ook weer bij ons gevoegd en is eveneens in het bezit van een scooter. Zij wilde ook wel mee naar Da Nang (20 km van Hoi An) dus we gaan met zijn vieren op de scooter. Was ook een uitdaging; 3 grote backpacks, 4 mensen en een handvol daypacks. Maar zowaar! Ook overleefd.

We bezoeken de Marble Mountains in Da Nang, wat mooi was, maar niet heel bijzonder, en gaan even wat eten. Na de vegan pasta en pizza (van Cami en mij, want ook zij blijkt vegan – YAY), nemen we afscheid van Cami en gaan terug naar een schattig hostel, dichtbij het vliegveld. Erg dichtbij. Ik heb spijt dat ik er niet even een filmpje van heb genomen, want ik ben er zeker van dat dit in Nederland nooit zou mogen, zo dichtbij een woongebied.

De volgende dag vliegt Mo richting Cambodia, naar de vrouw van zijn dromen (hahaha) en gaan Daniel en ik richting Saigon. Dan vliegt op 30 januari terug naar de UK en vanaf Saigon ga ik waarschijnlijk door naar Cambodja. Al weet je dat met mij natuurlijk nooit helemaal zeker.

De laatste avond zitten Mo en ik nog even buiten een sigaretje te roken wanneer er een vrolijke man voorbij komt gelopen. “Hello!”. We raken direct aan de praat en de glimlach is niet van zijn gezicht af te slaan. Wat een fijne man. We maken een praatje over het leven en Mo breekt in “Do you want a motorbike?”. Al vanaf Hué probeert hij zijn scooter te verkopen, maar krijgt er niet voor wat hij eigenlijk wilt. Hij had al bedacht de scooter weg te geven aan iemand die hem kon gebruiken en dit was, hands down, de beste kandidaat. Zo vriendelijk, zo vrolijk, ik krijg er nog een warm gevoel van. De man schrikt even van de vraag, maar neemt de scooter aan. Hop, drie helmen erbij (Dan en ik hadden er eentje in Hoi An gekocht voor de rit naar Da Nang), blauwe kaart en gaan. We wisselen nummers en e-mailadressen uit en vanaf toen was mr. Hau onze beste vriend.

Mo is de eerste die vliegt en we nemen emotioneel afscheid in het hostel. Vooral voor die twee. Ze hebben maanden samen gereisd en dit is je puurste vorm van bromance. Fijne mannen. Ik ben er zeker van dat ik, in ieder geval, Mo nog eens ontmoet, want hij blijft hier in de regio. Hij heeft ook alles achtergelaten en heeft, zoals hij zelf zegt, niets om naar terug te keren.

Daarnaast hebben Mo en ik, ergens along the way, een deal gesloten. Mo verft zijn baard, haar en wenkbrauwen roze tegen een grote fles rum, een grote zak Skittles en ook ik moet mijn wenkbrauwen roze verven. Hahahaha… Dat wordt een leuke blogpost… 🙂

Mooie mannen.

Doei hè!